Infectie vs ziekte

Iemand die enkel geïnfecteerd is maar niet ziek, is nooit besmettelijk. 
Er is enkel kans op besmettelijkheid bij actieve ziekte. 
Het aangetaste longweefsel bevat bacteriën die kunnen opgehoest en verstoven worden.
Niet iedereen die actieve tuberculose heeft is echter besmettelijk. 

Besmettelijk

Een persoon met tuberculose is besmettelijk als bij onderzoek van de fluimen (vaak wordt de term ‘sputum’ gebruikt) tuberkelbacteriën kunnen worden aangetoond. Fluimen worden onderzocht onder de microscoop en ook op kweekbodem of cultuur gezet. Als deze onmiddellijk onder een microscoop gezien worden dan is de besmettelijkheid relatief groot.

Indien bacteriën niet in voldoende aantal aanwezig zijn in de fluimen, zijn ze niet zichtbaar onder de microscoop. Op een kweekbodem vormen de bacteriën kolonies en zullen zij wel zichtbaar worden. Hier is de besmettelijkheid lager. Maar een negatief resultaat op direct microscopisch onderzoek geeft dus geen uitsluitsel.

Een goede hoesthygiëne verkleint de kans dat anderen besmet geraken. De zieke hoest met de hand voor de mond in een papieren zakdoek en wendt het gezicht af.

Ziek, maar niet (meer) besmettelijk

Wanneer de zieke gedurende enkele weken (2 à 3) haar/zijn behandeling goed inneemt, neemt het hoesten af en vermindert de besmettelijkheid drastisch.
De ziekte is nog niet genezen en de medicatie moet verder ingenomen en gecontroleerd worden.
Het is dus best mogelijk dat iemand tuberculose heeft en hiervoor medicatie neemt, maar niet besmettelijk is.